Driedimensionaal

Een auto uit de printer?

Hele auto’s komen nog niet uit de 3D-printer, onderdelen wel. Maar de ontwikkelingen gaan razendsnel. De diversiteit aan materialen brengt lichtere auto’s en dus minder energie-gebruik onder handbereik.

De super car Blade, zelfs met chassisdelen uit de printer

Hele auto’s komen nog niet uit de 3D-printer, onderdelen wel. Maar de ontwikkelingen gaan razendsnel. De diversiteit aan materialen brengt lichtere auto’s en dus minder energie-gebruik onder handbereik.

tekst: Redactie Grip op je Vermogen


tekst: Redactie Grip op je Vermogen 


De meeste aandacht voor innovatie in de auto-industrie gaat uit naar de elektrische en vooral de zelfrijdende auto. Maar bijna onderhuids voltrekt zich intussen een ontwikkeling die weleens voor minstens zo’n fundamentele verandering zou kunnen zorgen, namelijk in de productie van auto’s zelf.

De mogelijkheden om van alles uit een 3D-printer te laten rollen groeien snel. Dus kom je ook berichten tegen over ‘de eerste auto uit de printer’. Zo ver is het nog niet, want het gaat tot nu toe om onderdelen, stukken koetswerk of de gestolde dromen van ontwerpers.


Waar traditioneel de ingenieur knutselt aan een cilinderkop, versnellingsbak of adaptive cruise control en de design-chef artistiek staat te doen aan de tekentafel, kom je producten uit de 3D-printer overal in de productielijn tegen: van het eerste idee tot een keuzeprogramma waarmee de consument snufjes naar wens bestelt.


Hooggestemde idealen

Een nieuwtje was laatst de lancering van de elektrische LSEV, een kleine variant op de Smart. Alles wat je ziet, komt uit de printer – alleen chassis, stoelen, ruiten en banden niet. Het dingetje is met een maximumsnelheid van 70 kilometer per uur en een bereik van hooguit 50 kilometer op één lading stroom echt iets voor de grote stad. De LSEV is een schepping van materiaalontwikkelaar Polymaker in Sjanghai en XEV, een Italiaanse start-up voor elektrische auto’s. De eerste productie-auto’s zouden in 2019 op de weg moeten verschijnen. Het verhaal gaat dat de Italiaanse posterijen er al vijfduizend hebben besteld.

Ook twee andere bedrijven trekken geregeld aandacht: Divergent 3D en Local Motors. Het eerste is een start-up in Los Angeles, opgericht als kennisplatform met hooggestemde idealen rond een schone, mooie wereld. Met spectaculair resultaat, zoals de super car Blade bewijst. Het is een soort tweepersoonsraket, met zelfs chassisdelen uit de 3D-printer.


Ook Local Motors met hoofdkwartier in Phoenix (Arizona) is een netwerkonderneming. Het bedrijf legt zich toe op lage volumes met hoge, vernieuwende impact. De missie: ‘Our goal is to drive the future, not just what drives you in the future.’ Een van de blikvangers is de Strati, een gezellig cabriootje met compleet geprinte carrosserie. Beide creatieve centra grossieren in samenwerkingen met grote bedrijven als HP, IBM, Airbus, Siemens en Yahoo!, ondernemingen die grote belangstelling hebben voor wat die kleine disruptors uitbroeden.


Waarom die ontwikkeling zo interessant is? Om een prototype op de wereld te zetten, hoeft een heel team niet langer maanden en maanden te kleien en boetseren, terug naar het tekenprogramma, om dan weer te gaan kleien en zo verder. De lijn gaat rechtstreeks van het driedimensionale tekenprogramma op de laptop naar de printer. Hoppa, concept car geboren. De winst: meer en sneller ideeën concretiseren tegen lagere kosten. >>

Strati, blikvanger van netwerkonderneming Local Motors

Minder energiegebruik

Vervolgens is door de grote diversiteit aan materialen, van kunststoffen tot metalen, een brede inzetbaarheid mogelijk voor alle fasen in het productieproces. Die brengt een belangrijk doel binnen bereik: een lager gewicht van de auto, en dus minder energiegebruik. Bijkomend voordeel, zeggen de producenten, is een uiterst zuinig materiaalgebruik: geen snippers en restjes, geen afval tijdens de ‘fabricage’.


Nooit meer een lekke band

Ook grote autoproducenten als Volkswagen, Daihatsu, Honda en Kia experimenteren met onderdelen uit de 3D-printer. Dat lijkt het eerste succesvolle traject te kunnen worden als het gaat om brede toepassing. Te meer daar het bewijs al is geleverd bij – verleden ontmoet toekomst – klassieke auto’s. Met onderdelen uit de printer kregen onder meer een Jaguar uit 1957, een Delage Type S van een eeuw geleden en een BMW 507 van Elvis Presley een nieuw leven.

Het zou geen innovatie zijn als niet vooral creatievelingen en fantasten zich zouden manifesteren. Dat is behalve aan de namen van de scheppers ook te zien aan die van de auto’s. Zo is er de designstudio EDAG die zijn schep-pingen op de natuur inspireert, zoals met de Genesis, die niet op een auto lijkt, maar op het lege schild van een schildpad. Dat is ook de bedoeling, want het blijkt te gaan om een zoektocht naar de ultiem veilige vorm. Dan is er de Urbee, een vehikel dat is bedoeld om twee mensen met hun hond van New York naar San Francisco te sturen met als proviand slechts 38 liter biobrandstof. En hoe creatief kan een oude bandenfabrikant zijn? Michelin kwam met de naamgeving niet verder dan het voorspelbare Vision, maar de bandenfabrikant vond wel opnieuw het wiel uit. Uit organisch materiaal, nooit meer een lekke band. Dat is pas disruptief: geen banden verkopen, maar wielen.

Michelin Vision is een wiel en band in één uit de printer

LSEV, alleen chassis, stoelen, ruiten en banden komen niet uit de printer

Genesis, vorm van schildpad